zaterdag 1 juni 2019

Dat joods zijn niet een ras was maar een geloof wist ik voor mijn 15e niet .. de katholieken, hitler had de eerste jaren 1933-1941 een warme relatie met de katholieke kerk/paus, ik wil niet met modder gooien maar het kwaad, nou ja, niet veralgemeniseren, die katholieken dachten dat de joden jezus christus vermoord hadden, maar dat is helemaal niet zo, dat was door keizer augustus, de romeinen bevolen. je zus christus is een verhaal dat door mondelinge overlevering 50 tot 200 jaar later op papier is gezet

Als 1 zin in een groep wordt doorverteld van de 1 aan de ander, dan blijft er niks van over na 10 mensen ! laat staan door mondelinge overlevering 50 tot 200 jaar later die verhalen opschrijven in de taal van toen ! En in die tijd kon 2 tot 5% lezen en schrijven, je zus gristus kon niet lezen of schrijven. Zo is ook de heksenjacht begonnen, waarbij ook het waardevolle weerloze vernietigd werd. 

hoeveel % van de mensen kon lezen en schrijven ronde het jaar 1 ?

 Kort antwoord:

👉 Rond het jaar 1 kon waarschijnlijk minder dan 5% van de mensen lezen en schrijven
(en in veel gebieden zelfs <1%).

📜 Hoe zat dat?

In het Romeinse Rijk (meest ontwikkeld toen)

  • schattingen: 5–10% geletterdheid

  • vooral:

    • elite

    • ambtenaren

    • handelaren

👉 gewone mensen: meestal niet

In andere gebieden

  • vaak nog lager:

    • platteland: ~0–2%

    • veel regio’s: vrijwel alleen religieuze of bestuurlijke elites konden lezen

🧠 Belangrijk

  • “kunnen lezen” ≠ goed kunnen schrijven

  • schrijven was vaak nog zeldzamer dan lezen

đŸŽ¯ Samengevat

GroepGeletterdheid
Elite (Rome)10–20%
Steden (gemiddeld)5–10%
Platteland0–2%
Wereldgemiddelde~1–5%

In jouw stijl

In een wereld vol woorden,
konden bijna niemand ze lezen —
en nog minder ze opschrijven.


Maar hoe werkte de maatschappij toen met rekenen en betalen, geld en zo ?

Goede vraag — en verrassend: een samenleving kan prima functioneren met bijna geen geletterdheid, zolang mensen kunnen tellen, onthouden en vertrouwen.

💰 Hoe deden ze dat rond het jaar 1?

1. Mondeling + geheugen

  • prijzen, schulden en afspraken → mondeling

  • mensen hadden sterk geheugen en gewoonte
    👉 “ik ben jou nog 3 denarii schuldig” werd gewoon onthouden


2. Tellen zonder schrijven

  • tellen konden veel mensen wÊl

  • hulpmiddelen:

    • steentjes

    • knopen

    • vingers
      👉 een soort primitieve boekhouding


3. Munten maakten het simpel

In het Romeinse Rijk:

  • munten hadden vaste waarde (bijv. denarius)

  • je hoefde niet te lezen:

    • gewicht en metaal bepaalden waarde
      👉 betalen = tellen van munten


4. Specialisten voor administratie

  • schrijvers (scribae) en handelaren:

    • hielden rekeningen bij

    • konden lezen/schrijven

👉 de maatschappij draaide op een kleine geletterde bovenlaag


5. Vertrouwen en reputatie

  • dorpen/steden waren klein

  • iedereen kende elkaar

👉 fraude = snel bekend
👉 reputatie = belangrijker dan papier


6. Symbolen en tekens

  • merktekens op goederen

  • simpele tekens i.p.v. tekst

👉 een soort “logo’s” avant la lettre


đŸŽ¯ Samengevat

  • weinig lezen/schrijven

  • maar:

    • tellen kon bijna iedereen

    • geld was tastbaar (munten)

    • administratie zat bij een kleine elite


In jouw stijl

Ze konden geen contract lezen,
maar wel tellen wat er op tafel lag.

En uiteindelijk:

vertrouwen en geheugen waren hun boekhouding.

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten